Neerloon

Neerloon heette vroeger Loen en later Loon. In 1811 is Neerloon met Huisseling samen tot één gemeente gevormd, van 783 ha groot en met nog net geen 600 inwoners. De kern Huisseling lag tegen de grachten van Ravenstein aan. In 1923 werd de gemeente Huisseling-Neerloon bij Ravenstein gevoegd.

De naam
Neerloon wordt vanouds, ook op oude kaarten, als Loon aangeduid. Loon is een vorm van “loo” dat bos betekent. Die plaatsnaam komt (net als bossen) vaker voor, ook in de directe omgeving. De behoefte om onderscheid te maken was er dus al vroeg. (Neer)Loon wordt dan soms ook als “Loon op de Maas” aangeduid (het Loon dat nu Overloon heet, ligt niet aan de Maas). Maar ook de ligging ten opzichte van elkaar in relatie tot de Maas werd gebruikt, en is uiteindelijk de officiële benaming geworden: Overloon ligt stroomopwaarts en Neerloon stroomafwaarts. Je ziet hetzelfde principe aan de gang bij bijvoorbeeld Neerlangel en Overlangel.

 

Oudste bewoning en ontwikkeling
Neerloon wordt voor het eerst genoemd in 1191. Het is echter duidelijk dat hier langs de Maas al veel eerder geschiedenis werd gemaakt. Neerloon was namelijk één van de drie plaatsen in Brabant waar ooit een doorwaadbare plaats in de Maas lag. De Romeinen maakten op weg naar Nijmegen al gebruik van deze doorloopbare plaats. Zij noemden dat een ‘statio’. De naam ‘Staaystraat’ herinnert nog aan de tijd dat zij naar de overkant “staayden”. De Maas kronkelde als een slang door het landschap. Tussen 800 en 1200 was Neerloon zelfs helemaal omgeven door water en dus een eiland.

In 1332 vond er een verdeling plaats van de gement van Overlangel en Neerloon door Jan van Valkenburg, heer van Herpen. Twee jaar later, in 1334, raakte Loon apart van het Land van Herpen. Als Cuijks territorium lag Neerloon als een enclave in het Land van Ravenstein. De oudste Loonse schepenoorkonde die wij kennen dateert van 1358. In deze zelfde tijd, in 1348 of 1349, geeft Walraven van Valkenburg, heer van Herpen, de inwoners van Huisseling het recht om delen van de gement (de gemeenschappelijke gronden) te kopen, te ontginnen en in particuliere erven te verdelen.

Het patronaatsrecht (het recht om de pastoor te benoemen) behoorde toe aan het kapittel van Xanten. Dat is ook de reden dat de kerk dezelfde patroonheilige, namelijk Sint-Victor, heeft. Dat patronaatsrecht is voortgekomen uit het feit dat het kapittel al in de tweede helft van de 13e eeuw een curtis (een hoeve) in Neerloon bezat. Het kapittel inde ook de kerkeljke belasting in Neerloon. Toen de parochie op een gegeven moment bij de betaling in gebreke bleef, slaagde het kapittel er in het gehele dorp te laten excommuniceren!

Bijzondere gebouwen
De kerk van Sint Victor in Neerloon wordt al voor het eerst genoemd in 1405 als quarta capella. neerloonDat wil zeggen dat het om een echt klein kerkje ging. Het onderste gedeelte van de toren is nog uit tufsteen opgetrokken. Het is het restant van de middeleeuwse toren, die nu de onderbouw van de huidige toren vormt. Doordat de kerk bij de overstroming van 1820 onherstelbaar beschadigd was, zijn schip en koor in 1821 herbouwd in waterstaatsstijl. In de kerk staat een Smits-orgel uit 1848 met nog alle originele pijpen.

St. Victor. Detail

Een bijzonder, beeldbepalend gebouw is ook de voormalige lagere school met gymnastieklokaal en onderwijzerswoning uit 1916. Het was voor die tijd een modern gebouw. De nieuwe school werd gebouwd voor 19 leerlingen in een gemeenschap van 175 inwoners.

De onderwijzerswoning is aanvankelijk door andere mensen bewoond, aangezien Mijnheer Thomas Tuerlinkx, de onderwijzer (er was er toen maar één op de hele school), vrijgezel was en in Ravenstein logeerde. Later is hij getrouwd en heeft toen nog enige tijd in de woning gewoond.

Op zaterdag werd er nog handwerken gegeven door Truike van Delst, die woonde in het huis dat nu als adres heeft Loonsestraat 13. Als gevolg van gebrek aan leerlingen heeft de school niet lang dienst gedaan. Rond 1930 was het afgelopen. De school moest stoppen, nadat de gemeente Huisse-ling en Neerloon in 1923 opgegaan was in de gemeente Ravenstein. In 1934 werd een deel van het pand verbouwd tot woonruimte en verkocht.

Het pand bestaat nog steeds en is een goed voorbeeld van een dorpsschool uit het begin van de twintigste eeuw. Daarbij speelt de oorspronkelijke staat waarin het verkeert natuurlijk zeker mee. Het voormalige schoolgebouw is een echt bepalend element voor het dorpsgezicht.

Bron: informatie over de lagere school, BHIC, Eric van Eldijk

Meer Neerloon

Huisseling en Neerloon vroeger (BHIC)