Overlangel

Overlangel tijdens de wateroverlast in 1995. Op de achtergrond ligt het 'eiland' KeentOorspronkelijk was Overlangel samen met Neerlangel een dorp met de naam Langel. Langel was een heerlijkheid in het Land van Herpen. Het dorp dankte zijn naam aan de smalle, langgerekte vorm ervan, die zich uitstrekte van Neerlangel tot voorbij Overlangel. In 1191 was Albertus de Langel heer van Neerlangel en in 1330 Reijnoud de Langel.Toen het kasteel van Ravenstein gebouwd werd betekende dit dat Ravenstein als vestingstad Langel opsplitste in twee gedeelten. Om de gedeelten aan weerszijde van Ravenstein te onderscheiden is men gaan spreken van Nederlangel (later Neerlangel) en Overlangel. In 1811 is Overlangel bij de gemeente Herpen gevoegd.

Middelen van bestaan

In het oude Langel kon men een haven vinden waar goed handel werd gedreven. Vooral wijn, graan, steenkool en hop werden verhandeld. Bij deze handel werd een scheepswerf gebouwd. De arbeiders gingen er omheen wonen, er kwamen cafés, winkeltjes en herbergen voor de bewoners en scheepslieden. Het gehucht Overlangel was gevormd. Alle burgers leefden van de scheepvaart. Enkele families hebben goed ‘geboerd’. De familie de Bruijn is zo’n familie. Zij handelden in graan en wijn. Later financierden zij de bouw van de huidige kerk van Overlangel.

Helaas kwam er een einde aan de voorspoed van Overlangel. In de 2e helft van de 19e eeuw werd de scheepvaart met zeilboten vervangen door stoomboten en deze deden Overlangel minder en minder aan. De doodsteek kwam echter met de Maaskanalisatie. Doordat Overlangel zijn ligging aan de Maas miste, werd de armoede gigantisch. ‘Ge het errum en kei-errum minse’, was een uitspraak die goed op de bewoners van Overlangel sloeg. Iedereen die in de scheepvaart werkzaam was geweest moest iets anders zoeken om in hun levensonderhoud te voorzien. Velen werden keuterboertje en andere gingen voor een mager loontje in Oss of Ravenstein werken.

Bijzondere gebouwen

Rond 1500 is er onder de parochie Herpen sprake van een Antoniuskapel in Overlangel. Deze oude kapel heeft in 1814 plaats moeten maken voor een nieuwe. Vijftig jaar later, op 11 september 1854, vierde Overlangel de afscheiding van de parochie Herpen. Vijf dagen eerder was namelijk de nieuwe kerk ingewijd. Deze nieuwe parochiekerk kon mede gebouwd worden dankzij een grote gift van de rijke familie De Bruijn. De kerk heeft een heel bijzondere torenspits, namelijk geheel van gietijzer en opengewerkt. Een zeilschip bekroont de spits.

Gildezilver

Overlangel heeft jarenlang een gilde gehad. In 1894 is deze ontbonden. Het zilver werd verkocht om van de opbrengst daarvan missen op te kunnen dragen aan overleden leden. Later is het zilver via Engeland op een antiekmarkt in Nederland teruggekocht. De Overlangelse gemeenschap kon de middelen niet opbrengen en er was niet genoeg belangstelling om het terug te kopen en het gilde nieuw leven in te blazen. Inmiddels is het in de collectie van Museum voor Religieuze Kunst in Uden opgenomen.

[symple_divider style=”solid” margin_top=”20px” margin_bottom=”20px”]

Meer Overlangel

Herpen en Overlangel in vroeger tijden(bhic)

[symple_divider style=”solid” margin_top=”20px” margin_bottom=”20px”]

R.K. kerk St. Antonius abt. Met gietijzeren torenspits

Steen naast de hoofdingang van de kerk. 'Gesticht door de familie De Bruijn 1854'.

Overlangel. De kerk gaat uit. Foto Piet den Blanken, 1987

Smitsorgel in de kerk van Overlangel

R.K. kerk St. Antonius Abt

Gildezilver uit Overlangel